Ook in de achterban van de EO is de afgelopen tijd meegeleefd met de ziek- en sterfbed van de paus. En dat zal de komende weken bij de pauskeuze door het conclaaf van kardinalen wel niet anders zijn.
Nooit heb ik mijn moeder bozer gezien dan toen ik als tienjarige jongen tegen mijn Roomse buurjongen had geroepen: jij gaat naar de hel. Ik hoorde hem dagelijks voor het slapen gaan in zijn kamertje naast het mijne tot Maria bidden en beleefde dat als een aantasting van het Evangelie. Rooms, dat rook via de preken in de kerk en de geschiedenisverhalen op school, naar kerkvervolging en brandstapels, naar aflaten en de vrouw op het beest uit Openbaring 17.
En nu, vijftig jaar later, ben ik dankbaar voor het getuigenis van de overleden paus Johannes Paulus II. Voor zijn verzet tegen het communisme, zijn opkomen voor de beschermwaardigheid van het leven, zijn pal staan voor de heilsfeiten van kruis en opstanding, zijn inzet om jongeren te betrekken bij eigentijds en orthodox geloven. Nog steeds doet het aanroepen van Maria mij pijn en kan ik allerlei elementen van de rooms-katholieke leer en praktijk niet rijmen met wat ik in mijn Bijbel lees. Maar het doet me niet er niet meer, zoals vroeger, aan twijfelen dat ik met velen van hen ten diepste één ben in Jezus Christus.
Dat besef tref ik vandaag bij veel christenen aan. Zij moeten niets hebben van de transsubstantiatieleer of van heiligenverering. Maar ze zijn dankbaar voor het getuigenis van rooms-katholieke gasten in Het Elfde Uur, werken met rooms-katholieken samen in de VBOK, zijn ontroerd omdat de nu overleden paus het verlangen uitsprak dat jongeren hun hart openstellen voor Jezus en bidden met kardinaal Simonis mee om de leiding van de Heilige Geest voor het komende conclaaf.
Bij de EO is er voor rooms-katholieke christenen plaats in Ledenraad en bedrijf.. Beslissend daarbij is niet, wat hun kerk leert, maar wat zij (en wij!) zelf geloven: dat Jezus Christus gestorven is voor onze zonden, dat we alleen door bekering en wedergeboorte Gods Koninkrijk binnengaan en dat de Bijbel het richtsnoer is voor ons leven. Rooms-katholieken pinnen we net zo min als de vele soorten protestanten vast op de dogma’s of uitspraken van hun kerk(leiding). Niet het kerklidmaatschap bepaalt, of je bij Christus en daarmee bij elkaar hoort, maar het geloof in Hem als de gekruisigde en opgestane Heer. Ik geloof dat mijn moeder dat vijftig jaar geleden al door had.
Directiecolumn – Visie – Ad de Boer – 21 mei 2005
De EO en de paus – Visie – 21 mei 2005